Artikel uit het tijdschrift “De Koerden” : Inmenging van Turkse regime in Belgische verkiezingen

Dogan Ozguden (De Koerden, jaargang 7, n°37, juli-augustus, p.22-23)

 

Dit betoog van Ozguden klaagt binnen de Belgische context de dubbelzinnigheid van bepaalde verkiezingskandidaten en verkozenen van Turkse origine aan. Volgens hem trachten belangrijke Turkse lobby’s hun programma te promoten binnen de Belgische Staat via wat hij “Paarden van Troje” noemt. Turkse verkozenen zouden dus druk uitoefenen op vooraanstaande politici als  Yves Leterme, Johan Vandelanotte of Laurette Onkelinx om bepaalde onderwerpen zoals de Armeense genocide, het terroristisch karakter van de PKK, het respect van mensenrechten in Turkije al dan niet op de politieke agenda te plaatsen. Het aantal Belgen van Turkse origine is aanzienlijk, er vallen dus veel stemmen te rapen. Het spreekt  voor zich dat er met hun mening meer rekening zal worden gehouden, dan met die van de veel kleinere Koerdische of Armeense gemeenschap in België. Dit blijft immers een van de basisprincipes van de democratie: de stem van de meerderheid geldt.

 

 

Het is ergens ook evident dat iemand die grotendeels verkozen is door een Turkse achterban, hun belangen dan ook verdedigt. Laurette Onkelinx kan slechts burgemeester worden van Schaarbeek, als zij niet ingaat tegen wat belangrijk wordt bevonden binnen de grote Turkse gemeenschap in deze gemeente. Hetzelfde geldt om maar een voorbeeld te geven voor personages als Patrick Janssens (sp.a) die toegevingen heeft moeten doen aan zijn eerder rechtse electoraat, om burgemeester van Antwerpen te kunnen worden in plaats van Vlaams Belang kopstuk Filip Dewinter. Zo werkt de politiek nu eenmaal, zelfs al is dat niet altijd overeenkomstig met hoe het zou moeten zijn, op zich is hier niets schokkends aan.

 

 

Aan de andere kant zou het mogelijk moeten zijn voor een land als België, dat in principe ver van Turkije afstaat, om neutraal te blijven in zo’n emotioneel geladen problematiek. We moeten echter toegeven dat door de geglobaliseerde context van vandaag en vooral binnen het kader van de Europese Unie. België steeds vaker bepaalde posities moet innemen met betrekking tot conflicten die zich oorspronkelijk niet op hun grondgebied afspeelden.  Transnationale mobilisatie heeft ervoor gezorgd dat het Koerdische probleem zich voor een deel verplaatst heeft, zowel Turkse als Koerdische lobby’s proberen de Belgische Staat te beïnvloeden om hun persoonlijke belangen te doen gelden. Het hangt van de bestaande machtsverhoudingen af wie van de twee binnen de Belgische context het laatste woord zal hebben.

 

 

De invloed die wordt uitgeoefend valt dus zeker niet te ontkennen, de loyaliteit ten opzichte van het land van herkomst is zowel voor de Turkse als voor de Koerdische gemeenschap zeer sterk. De interne verdeeldheid binnen België speelt hier hoogstwaarschijnlijk een belangrijke rol, het nationale bewustzijn en het bijkomende nationalisme is hier veel minder sterk dan in Turkije. In de Verenigde Staten, waar een zeer groot nationaal bewustzijn bestaat, zou iedereen het bijvoorbeeld absurd vinden als Barack Obama nu plots, naast het algemene belang in het bijzonder de belangen van Kenianen zou verdedigen.  Als Belgische politici als Fatma Pehlivan of Cemal Cavdarli dit wel doen zien wij hier over het algemeen geen graten in.

 

 

We moeten eerlijk zijn, het grootste deel van de Belgische bevolking staat vrij onverschillig ten opzichte van kwesties zoals het al dan niet terroristische karakter van de PKK. De gemoederen zullen veel hoger oplopen als het gaat over de scheiding van de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde bijvoorbeeld. Dit verklaart ook waarom het ontkennen van de Joodse genocide veel meer stof zal doen opwaaien dan het negationisme omtrent rond de Armeense genocide of de mensenrechtenschendingen in het Koerdische deel van Turkije bestaat. De Joodse kwestie zit veel meer geworteld in onze nationale geschiedenis en ligt dus ook gevoeliger.

 

 

Het feit dat dit type debat in België wordt gevoerd is een relatief nieuw fenomeen en dat het effectief ook het nieuws haalt is op zich al zeer interessant. Niet enkel de betrokken gemeenschappen mobiliseren zich om van hun versie van het conflict de dominerende versie te maken, ook Belgische politici worden verplicht kleur te bekennen over een conflict dat hun niet eigen is.